‘Een discobal met tentakels, glinsterende pailletten op transparant blauw, blauwe ledverlichting met oranje accentjes… De jury droomde compleet weg bij de foto van deze sepiola. Deze kleine inktvissoort is maar een paar centimeter groot, maar zijn kleurenpracht is oneindig. De fotograaf maakt ieder najaar gedurende enkele maanden nachtduiken in de Oosterschelde voor de jonge pijlinktvissen of, zoals in dit geval, de kleine sepiola’s. ‘s Nachts gaan zij op jacht en zwemmen ze in open water op zoek naar prooien zoals kleine kreeftachtigen. Hier zien we een exemplaar in de aanvalsmodus. De gekleurde stippen zijn kleurpigmentcellen in de huid die razendsnel van kleur en patroon kunnen wisselen. Zelfs zijn oog, met de voor inktvissen zo kenmerkende platte pupil, is zichtbaar. De fotograaf heeft het diertje gevangen in een beeld waarin zijn volledige schoonheid zichtbaar is.’

Marleen Baas was met een foto van de bonte mantel de Runner Up. ‘Heel veel oogjes… dat is het eerste wat de aandacht trekt. Op deze foto zijn ze in detail te zien en lichten ze op als pareltjes. De bonte mantel, een kleine kamschelp, bezit langs zijn mantelrand ongeveer 340 van deze primitieve oogjes, waarmee hij licht en beweging kan waarnemen. Bij naderend gevaar wordt de schaduw van het roofdier gedetecteerd en sluit de schelp zich snel. De lange tentakels fungeren als tastorganen en waarschuwen ook tegen predatoren zoals zeesterren. De verticale beeldopbouw en de vakkundige belichting passen perfect bij het onderwerp. De schelp loopt als een ruggengraat door het midden, terwijl de weelderige mantelrand alle aandacht trekt. De donkere achtergrond isoleert het onderwerp volledig en geeft de schelp alle ruimte om te stralen.
