Bijzondere ligging
Het bijzondere aan Cabo de Palos is de ligging. Vulkanische activiteit heeft in het verleden gezorgd voor een serie relatief kleine bergen met steile wanden. De landtong waar Cabo de Palos op ligt is het laatste bergje in de serie en de enige die boven water uitkomt. De andere bergen bevinden zich onder het wateroppervlak in het sinds 1995 beschermde Marine Reserve Cabo de Palos- Islas Hormigas. De onderzeese bergen rijzen steil omhoog van de zeebodem, van een diepte van soms wel 50 meter tot vlak onder het wateroppervlak. De stromingen van de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan komen bij elkaar in dit gebied rond de onderzeese bergen, daarmee voor een uitzonderlijk gevarieerd onderwaterleven zorgend.
Als we aankomen in het dorpje, gaan we eerst langs duikschool Mangamar om onze duikspullen vast klaar te zetten en de planning van de week door te nemen. We worden vriendelijk ontvangen door de Nederlandse eigenaars en krijgen een rondleiding door het goed georganiseerde duikcentrum. Er zijn kleedkamers (met warme douches!), een leslokaal en een winkel. Op een scherm is heel overzichtelijk te zien welke duiken er gepland zijn en wie er zich daarvoor ingeschreven heeft, zodat je altijd weet hoe laat je aanwezig moet zijn. Duiksets opbouwen kan in het duikcentrum, waarna de sets op een karretje naar de boot gebracht worden, zodat je zelfs dat kleine stukje niet hoeft te sjouwen.
Vanuit de haven is het slechts enkele minuten varen naar de eerste duikplaats in het Marine Reserve, de verste duikplaats is hooguit een half uur varen. Vanaf de duikschool stap je direct in de boot en binnen enkele minuten rol je achterover het water in. Fantastisch!

Wakker worden!
Om optimaal van iedere dag gebruik te maken en zoveel mogelijk verschillende duikplaatsen aan te kunnen bieden, wordt er bij Mangamar vroeg gestart. Ben je een uitslaper? Dan kies je gewoon voor een van de duiken later op de dag. Wij willen echter graag zoveel mogelijk duikplaatsen verkennen en dus staan we ’s morgens om 8 uur klaar in ons duikpak. We wrijven nog even de slaap uit onze ogen en hebben nog net tijd voor een koffie en broodje bij het barretje naast de duikschool, voor we aan boord stappen.
Tijd voor wakker worden tijdens het varen hebben we niet, na slechts 6 minuten komen we aan op de duikplaats. We rollen achterover en worden meteen begroet door een paar vissen. Terwijl we afdalen langs de lijn doemen onder ons langzaam de donkere contouren van een groot wrak op. Het 51 meter lange schip zonk in 1943 en kwam rechtop op de bodem te staan. Al snel realiseer ik me dat een duik niet genoeg gaat zijn om dit wrak goed te bekijken.
Ik blijf om me heen kijken, het is lastig om te kiezen waar ik naar wil kijken. Scholen vissen cirkelen om het wrak heen of duiken ineens als een muur op uit een ruim. Een grote zeebaars komt langzaam voorbij gezwommen alsof hij een ochtendwandeling maakt. Hoe dichter je bij het wrak komt, hoe duidelijker je de kleuren ziet van al het onderwaterleven dat inmiddels het wrak volledig in bezit genomen heeft. We duiken van de boeg langs de stuurhut en daarachter het ruim in. Een lichtstraal van een lamp in het ruim veroorzaakt direct een kettingreactie. Een school kleine vissen vlucht het ruim uit, gevolgd door een aantal baarzen. De barracuda’s die rustig rond het stuurhuis hingen, komen direct in actie en mengen zich in de chaos. Het lijkt even of we in een pan kokende vissoep beland zijn. Binnen enkele seconden keert de rust weder en lijkt het of er niets gebeurd is. Ik merk dat ik alles tegelijk probeer te zien, door het goede zicht heb je een goed overzicht over het wrak en het totaalplaatje is indrukwekkend. Pas als de gids me nadrukkelijk aantikt en wenkt dat ik mee moet komen, neem ik de tijd om naar details te kijken. Een murene en een kongeraal hebben besloten dat samen gezelliger is dan alleen en wonen samen in een buis, nieuwsgierig naar buiten kijkend. Verderop vinden we een grote anemoon in het gangboord. Een schorpioenvis ligt op zijn gemak op de rand van het ruim, terwijl een murene zijn kop uit een ander gat steekt. En als je eenmaal goed kijkt zie je dat alle hoekjes en gaatjes van het wrak bewoond zijn.

De Naranjito ligt tussen de 28 en 42 meter diepte, dus naar mijn mening veel te snel geeft mijn computer aan dat het tijd is om op te stijgen. Als we bij de ankerlijn aankomen, lijkt het of het wrak en zijn bewoners ons niet willen laten gaan. Een enorme school vissen hangt om ons heen en blijft zelfs een groot deel van de opstijging bij ons. Bijna ademloos komen we boven: wat is er nu allemaal gebeurt en wat hebben we nu allemaal gezien onderwater? En dat voor 9 uur ’s ochtends!
Helemaal niet bijzonder
Het liefst zou ik meteen nog een keer op de Naranjito willen duiken want ik ben nog lang niet uitgekeken, maar er zijn natuurlijk nog meer duikplaatsen te ontdekken. Het wrak ligt buiten het Marine Reserve en onze eerste duik binnen het beschermde gebied is op duikplaats Piles I. Zodra we aankomen op de bovenkant van de onderzeese berg zien we hem liggen: een enorme zeebaars ligt op zijn gemak in een kuiltje. Ik verwacht dat hij weg zal zwemmen, maar in plaats daarvan zwemt hij recht op ons af. We kunnen nog net een foto maken voor we in elkaar duiken om een botsing te voorkomen. Die is duidelijk niet schuw! Op dat moment denken we nog iets bijzonders mee te maken, maar al snel zijn er we erachter dat er niet alleen ontzettend veel grote baarzen zijn, maar ook dat ze allemaal niets van ons aantrekken. We zijn duidelijk op hun terrein en worden getolereerd, zo lang we ons gedragen. Dus laten we dat maar doen.

We dalen af langs de steile wand en ik zie mijn buddy enthousiast worden. Die heeft ‘klein spul’ gevonden. Als echte fan van macroleven wordt ze enthousiaster van een naaktslak, klein visje of kokerworm dan van een grote zeebaars, school vis of mooie rifwand. Terwijl ze vlak bij de wand hangt en zich helemaal focust op een paar vierkante centimeter heb ik alle tijd om ‘het grote plaatje’ vast te leggen. Een win-win situatie dus. We zwemmen langs de wand terwijl we langzaam minder diep komen. Als we een bocht om komen staat er hier iets meer stroming. De vissen maken hier duidelijk gebruik van, scholen vissen hangen met hun kop richting de stroming te wachten tot er iets lekkers voorbijkomt.
Kantduiken
Vrijwel alle duiken worden met de boot gemaakt, maar kantduiken is rond Cabo de Palos ook mogelijk. Er zijn verschillende baaitjes waar je makkelijk het water in loopt. Als we na een dag duiken nog even gaan snorkelen aan het einde van de middag, zijn we het al snel met elkaar eens: hier willen we met een duikset naartoe.
De volgende dag wordt de kofferbak dan ook gevuld met duikflessen en rijden we naar het baaitje naast de vuurtoren. Grote plus is de hier aanwezige chiringuito, een typisch Spaanse strandbar waar je naast koffie en drankjes, ook de heerlijkste tapas kunt krijgen. En waarvan de vriendelijke eigenaar op onze autosleutel past terwijl wij onder water zijn. Tijdens het snorkelen hadden we al gezien dat de bodemsamenstelling hier heel divers is. Van rotsblokken tot zeegrasveldjes en stukken zandbodem. Nu we dichter bij het zeegras kunnen komen dan tijdens het snorkelen, ontdekken we heel veel verschillende visjes tussen het gras. Kleurrijke lipvissen schieten razendsnel tussen het zeegras door, kleine blennies steken soms even hun kop boven het maaiveld uit. Langs de rand van de baai zorgen de gaten in de rotswanden voor een prachtig spel van zonnestralen op de zeebodem. Het is hier niet diep, dus we hebben alle tijd om op het gemak rond te scharrelen. En wat zie je dan ontzettend veel! Hoe langer je kijkt, hoe meer er tevoorschijn lijkt te komen. Een octopus geeft zijn camouflage op om naar een ander rotsblok te zwemmen, terwijl een andere zich juist verder terugtrekt in zijn holletje. Lia heeft het uiteraard weer druk allerlei kleins, van kleine blauwe zakpijpjes, tot kokerwormen, oranje koraalpoliepen en zeeappels. De keuze is vrijwel onbeperkt. De kleine gele blennies blijken een uitdaging, ze maken er een spelletje van om zich te laten zien maar direct uit beeld te verdwijnen. Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet. Een gele blenny die alweer uit beeld is…

Als we het water uitlopen biedt een Franse snorkelaar ons een hapje rauwe zee-egel aan, vers geraapt. Met de hand vangen voor eigen gebruik is hier toegestaan. In sommige landen is het een delicatesse waar de bewoners gek op zijn. Laten we zeggen dat wij uit een ander land komen. We bedanken de man vriendelijk. En gaan zo snel mogelijk onze mond spoelen en aan de tapas op het terras bij de vuurtoren.
’s Middags gaan we de omgeving verkennen. We rijden naar Cartagena en bezoeken het Romeinse Theater, dat in 1988 bij toeval ontdekt werd onder een oude wijk tijdens werkzaamheden in de stad. Het theater werd gebouwd rond de tijd van onze jaartelling en het is een zorgt ervoor dat je even stil bent als je er rondloopt. Natuurlijk lopen we even een rondje langs de haven om de enorme jachten te bekijken.

Zoals vrijwel iedere middag, neemt de wind flink in sterkte toe. We hebben al eerder gedacht dat duiken de volgende dag wel eens lastig zou kunnen worden, maar in de morgen in het weer bijna windstil. En dus zetten we wekker weer, want er zijn nog zoveel duikplaatsen te ontdekken.
We maken graag 2 duiken in de ochtend, soms begin van de middag. Dan is er nog tijd over om de omgeving te verkennen of heerlijk op een terras te genieten van de Spaanse tapas, paella en andere culinaire verrassingen. Omdat er dan ook minder wind staat, is de zee ook rustiger dan in de loop van de middag.
Voor ieder wat wils
Het Marine Reserve heeft zes duikplaatsen, maar je bent in zes duiken zeker nog niet klaar met verkennen. Voor deze duikplaatsen is een enkele duik niet genoeg om alles te zien. Het praktische van de onderzeese bergen die tot vlak onder het wateroppervlak komen, is dat je er op verschillende dieptes kunt duiken. Voor de liefhebbers van diepte, is het geen probleem om 30 tot 40 meter diepte te halen. Ondiep is er echter net zo veel te zien, wat het voor een groep duikers met verschillende niveaus een interessante bestemming maakt. Er zijn verschillende grotjes en tunnels, waar je kunt kiezen of je de tunnels in wilt of er liever omheen zwemt, om uiteindelijk op hetzelfde punt uit te komen als je buddy’s. Voor de duikers die graag door een grot of tunnel zwemmen, wachten hier verschillende vissen die meer van een donkere omgeving houden of gewoon even rust zoeken. Regelmatig maken we enkele grote zeebaarzen wakker die in het donker hangen te rusten en slaperig voor ons uit naar de uitgang zwemmen.
Eindeloos veel vis
De grootste verrassing van het duiken bij Cabo de Palos? De enorme hoeveelheden vis. Altijd en overal zijn er scholen vis om je heen, van kleine visjes tot grotere baarsachtigen en barracuda. Iedere veiligheidsstop brengen we door in het gezelschap van een school vis, die soms zelfs een show synchroonzwemmen weggeven, door massaal van links naar rechts te schieten, een prachtig gezicht in de zonnestralen die door het water schijnen.
Buiten het Marine Reserve zijn er nog andere duikplaatsen, waarvan het wrak Naranjito er een is. Ook zijn er verschillende lokale duikplaatsen, met zeegrasvelden, grotjes en een andere bodemsamenstelling als in het Marine Reserve. Voor technische duikers liggen er achter het eilandje Hormigas nog enkele mooie wrakken op een diepte van 40 tot 60 meter. De Candelero, Stanfield en Carbonero zijn wrakken uit WO I, waarvan de Stanfield met een diepte van 48 tot 60 meter het diepste ligt. In deze omgeving vind je ook de kleurrijke gorgonen langs de rotswanden. Wij waren helaas niet in de gelegenheid hier te duiken, maar komen hier zeker voor terug.
Mis je iets in dit verhaal? Dat klopt. Wij hebben ze namelijk ook gemist. Dagelijks worden er, zeker als het water na de zomer afkoelt, mola mola gezien. De dag nadat wij terugvlogen naar Nederland, zelfs een groep van zeven van deze bizarre vissen bij de Naranjito. Waarschijnlijk hebben de mola mola ons wel gezien, maar hadden wij het te druk met kijken naar het wrak of het rif. We’ll be back!
Reizen naar Cabo de Palos
Vanaf Utrecht is het 2150 km rijden naar Cabo de Palos. Vanaf verschillende vliegvelden wordt er gevlogen naar Alicante. Vanaf het vliegveld in Alicante is het nog 1,5 uur rijden naar Cabo de Palos. De autoverhuur op het vliegveld is bijzonder goed georganiseerd, je hebt keuze uit vele aanbieders.
Andere activiteiten in de omgeving
Voor niet-duikende familieleden is er in de omgeving van Cabo de Palos meer dan genoeg te doen. Grenzend aan het vissersdorpje ligt bijvoorbeeld La Manga, het toeristische centrum van het gebied. De smalle 21 km lange strook ligt tussen de Middellandse Zee en de binnenzee Mar Menor en is de plek voor uitgaan, restaurants, winkels en strandtenten. Aan de kant van de Middellandse Zee vind je lange stranden.
Breng eens een bezoekje aan Cartagena met het Romeinse theater en de oude binnenstad met gezellige winkels, klim naar de vuurtoren van Cabo de Palos of breng een bezoek aan het zwarte strand van Portmán. De rit naar Portmán is ongeveer 30 minuten vanuit Cabo de Palos en je rijdt via mooie wegen door de heuvels en met uitzicht op zee. Bij de vuurtoren van Portmán is een baai met zwart zand, wat tevens een leuke snorkellocatie is.
Mangamar Dive Center
Mangamar is een Padi 5* Career Development Center met instructeurs die in maar liefst 6 talen les kunnen geven. De Nederlandse eigenaars Martin en Brenda van Gestel zijn beide zeer ervaren Course Directors en werken met een enthousiast en ervaren team. Je kunt hier dan ook terecht voor alles van een introductieduik tot een instructeursopleiding. Naast de opleidingen worden er zes duiken per dag aangeboden naar verschillende duikplaatsen. Mangamar vaart met twee boten waar maximaal 10 tot 14 duikers aan boord kunnen.