Leestijd: 8 minuten

Na de wrakken in deel 1 van deze tweeluik neemt Marion Haarsma ons mee naar meer wrakken in het zoute water. Vanuit het verleden reist ze naar het heden. De mooiste wrakken heeft ze voor het laatst bewaard.

Liberty – Bali

In 1992 was ik al op Bali, helaas maar twee dagen. Dat was te kort, ik had wel al een paar duiken gemaakt op het wrak, maar je hebt dan toch heimwee. In september 2007 is het goed gemaakt, wat een prachtig wrak. Helaas begint het verhaal altijd met een ramp. Het schip is tijdens de Tweede Wereldoorlog (1942) getorpedeerd bij Lombok door een Japanse onderzeeër. Het 120 meter lange schip, gebouwd in 1918, functioneerde als transport- en bevoorradingsschip voor het Amerikaanse leger. Een Amerikaanse destroyer en de Nederlandse torpedojager Van Ghent schoten te hulp en hebben geprobeerd de Liberty naar de haven van Singaraja te slepen, in het noordoosten van Bali. Dat mislukte, want het schip was zinkende en het is nog net bij Tulamben op het strand gezet. Zo konden ze de lading eruit halen en door de jaren heen zijn alle bruikbare onderdelen eruit gehaald. Toen kwam een grote vulkaanuitbarsting (1963) met lavastromen en is het schip in het water gezakt. Het is omgekiept en met de masten naar beneden op de bodem beland op 27 meter. Tis triest, maar voor de duikers is het een waar eldorado. Het wrak is bedekt met harde en zachte koralen, sponzen en oesters, zo vinden de dieren voedsel en rustplaatsen. In de morgen ontvangen enorme scholen Jacks je, die glimmende vissen, die rondom het wrak zwemmen, zodat je het schip haast niet ziet. Overal is leven, de eeuwig geduldige gidsen weten van alles te vinden en aan te wijzen, ieder hoekje bedekt en bewoond. Van de kleine gele hengelaarsvisjes tot piepkleine krabjes verstopt in het zachte koraal, in de diepte zwemmen de rifhaaien onder je langs. Aan het einde van de duik, op safety stop op diepte, waren we bij het poetsstation, op het zwarte vulkaanzand. En tijdens de nachtduik verwelkomen de slapende bultkoppapegaaivissen in het ruim je.

 

 

Cedar Pride – Aquaba

Het wrak van de Cedar Pride is het hoogtepunt van het duiken in Aquaba. Het was een Libanees vrachtschip, maar na een enorme brandschade heeft het jaren in de weg gelegen. Koning Abdullah, zelf een enthousiaste duiker, heeft ervoor gezorgd dat het wrak werd schoongemaakt en naar een goede plek in het duikgebied bij Aquaba is gesleept, waar het is afgezonken. Het ligt 200 meter van de kust, is 70 meter lang, ligt op de bakboord zijde en de diepte is 27 meter. Het ligt tussen twee riffen met mooie begroeiing, er is geen stroming en het water is glashelder. In 2002 kon je nog onder de kiel door zwemmen op zo’n 25 meter, de tweede keer in 2007 heb ik dat niet meer geprobeerd. Ik heb toen wel leuke foto’s van de schroef en het kraaiennest gemaakt! Ook ligt er nog een tank in de buurt, een echte legertank. Nu kan je nog steeds onder het wrak zwemmen, van links naar rechts, bakboord naar stuurboord, gewoon doen als de gidsen dat ook nog steeds goed vinden.

 

Wrakduiken in het hoge Noorden

Bij Kristiansand is een duikschool ‘One Ocean’, met mooie duikboot. Ik ben daar twee keer geweest, in 2010 en 2011. Eigenaar Carlo brengt je onder andere naar de Seattle, een enorm wrak dat begint op 24 meter en eindigt op 70 meter. Het schip is gebouwd in Hamburg, de MS Seattle was een vrachtschip voor de Hamburg Vancouver Line, de Amerika Line (HAPAG) in 1928 en is 140 meter lang en 18 meter breed. Het is in 1940 gezonken. Het werd aangevallen door de Noorse kustverdediger en in brand gezet. Daarna heeft het nog wat rondgedreven, maar is toen vanzelf gezonken. Carlo zit vol goede ideeën, ook in de oude haven van Kristiansand is het heel leuk rondsnuffelen met allemaal boten, die mooi begroeid zijn. Hier en daar ligt er een schroef zonder boot, ook leuk. Behalve de wrakken is de onderwaternatuur ook erg mooi met enorme dodemansduim, prachtige pitvissen en bijna tamme snotolven. Het hoogtepunt was wel de Dornier, een vliegtuigwrak in een fjord, bij het dorp Kjevik. Het is makkelijk te bereiken van de kant, er is geen stroming en het is aangegeven met een boei. Het vliegtuig is flink uit elkaar gevallen, er ligt veel rommel en hier en daar iets wat op een motor lijkt. We konden niet lang blijven, want de diepte was 32 meter en het water was super koud, smeltwater van de bergen, brrr…

 

Teti – Kroatië

Ik was al eerder geweest op de Teti, in 2009, het ligt bij het eiland Vis. Dat was tijdens de tocht met de Luna langs de kust van Kroatië. Toen werd ik bedolven onder de enthousiaste mededuikers en fotografen. Helaas was dat in 2014 ook het geval. Het is een Italiaans stoomschip, het is van staal en 72 meter lang. Door een storm is het op de klippen gelopen en ligt op de zandbodem sinds 1930. Gelukkig is het niet meteen gezonken, de lokale vissers hebben de hele bemanning van het wrak gehaald. Maar met volgende stormen is het steeds dieper weggezakt. Nu begint op 8 meter diepte en de spiegel is op 35 meter diepte. Het is ook een heel leuk wrak, het is mooi begroeid, het achterdek, het roer, alles zit vol leven. Er wonen bijna tamme octopussen, die zijn al aan de bezoeken van de duikers gewend. Dat is natuurlijk niets bijzonders in de Middellandse zee, maar toch… De lading van grote grove straatstenen (cobblestones) ligt nog in het ruim. Dat is het huis van de congers, ze komen vaak voor je camera langs. Er zit veel vis in en om het wrak, de murenes doen wel nerveus, maar zijn ook allang aan de duikers gewend.

 

Dunraven – Egypte

Eenmaal op weg naar of van de Thistlegorm – het beroemdste wrak in de Rode Zee – kom je langs de Dunraven en dat wrak mag je niet overslaan. Niet alleen is het een mooi wrak, maar de geschiedenis is ook bijzonder. Het is ook veel ouder dan de Thistlegorm. Het serieuze verhaal is dat het 1872 gebouwd is in Newcastle upon Tyne. Het was zowel een zeil- als stoomboot, het had twee stoommachines. In 1876 is het op weg naar de het Suezkanaal op het rif gelopen in de buurt van Ras Muhammed, om precies te zijn bij Sha’ab Mahmud. De kapitein en zijn 25 man bemanning probeerde het schip van de rotsen te halen en na veertien weken lukte dat. Helaas kwam het schip uit balans en is alsnog gekapseisd. Het zonk toen naar de diepte, waar bleef het liggen op 27 meter. De bemanning is gered uit de reddingsboten door de lokale vissers. Het wrak is herontdekt door de duikers van het Red Sea Diving Center in 1977. Vanaf die tijd is het schip vaak bedoken maar toen zijn ook de geruchten begonnen. Het zou een wrak zijn van de Eerste Wereldoorlog en gebruikt door Laurence van Arabië in zijn strijd tegen de Turken. Totdat er een stuk porselein is gevonden met SS Dunraven erop, dat was het einde van de wilde verhalen. Het wrak is dus veel ouder dan de ‘Gorm’ en is al behoorlijk aan het vergaan, het zit vol met gaten. Het ligt ondersteboven op het rif en het begint op 15 meter, er zijn drie grote gaten waardoor je naar binnen kunt. Je kunt prachtige foto’s maken van de schroef en vanwege het heldere water kan je ook het hele achterschip met de gaten en de duikers erbij fotograferen. Met een beetje fantasie zie je een grote vis met een hoge rugvin, twee ogen en een brede bek.

 

SS Thistlegorm – Egypte

De ‘Gorm’, zoals ik het liefdevol noem, is de absolute topper van alle wrakken. Het is groot, goed bereikbaar, staat rechtop in het zand, meestal in goed zicht, het heeft een prachtige lading en is voor bijna alle duikbrevetten bereikbaar! Het stoomschip Thistlegorm was een Brits vrachtschip, 126 meter lang, gebouwd in 1940, dat op 6 oktober 1941 zonk in de Rode Zee. Ze werd gebombardeerd door twee Duitse Heinkel bommenwerpers. Het wrak ligt op een diepte van 16 tot 32 meter in de Rode Zee. De ‘Gorm’ was op weg naar Alexandrië en lag voor anker te wachten op een veilige doorgang naar het Suezkanaal toen het werd gespot. De Duitse jagers waren op zoek naar de Queen Mary, die troepen vervoer. Op de terugweg hebben ze eigenlijk de bommen als ballastlozing gedropt. De explosie was enorm, de twee voltreffers in het munitielaadruim zorgden ervoor dat het schip in tweeën brak en beide locomotieven van het dek werden geslingerd en op het zand terecht kwamen. Ik ben al in de 90er jaren bij beide schepen geweest. Toen gingen we ook al naar de locomotief, die naast het schip ligt. De foto’s, met de Nikonos genomen, zijn niet perfect, maar ze zijn mij heel dierbaar, maar de foto’s van 2019 zijn natuurlijk veel beter. Ook in de vorige eeuw heb ik een foto (dia) gemaakt van het roze zachte koraal bij de het grote afweergeschut op het achterdek. Maar een paar jaar later, met hetzelfde ‘shot’ geen zacht koraal meer te vinden. De tranen lopen over je wangen, maar het is wat het is. Ik gun alle duikers hun plezier en het is nog steeds het mooiste wrak van de wereld. Er is ook een actie geweest om de laadruimten aanzienlijk te verbeteren. Doordat al die duikers de ruimen in gingen om naar de lading te kijken, ging het plafond enorm roesten van de luchtbellen en kreeg je al gauw een regen van roestdeeltjes op je kop. Het ingenieuze plan is verzonnen om gaten te boren in het plafond, waardoor de luchtbellen kunnen ontsnappen. Je kunt nu rustig de ruimen in en genieten van alles wat je daar vindt. Mijn obsessie zijn de BSA (British Small Arms) motoren, ik vind ze prachtig. Ook de oude vrachtwagens zijn mooi. Dit alles maakt de ‘Gorm’ tot het mooiste wrak wat ik ken!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Wrakduiken is prachtig. En voor je het weet lig je dieper en langer bij een wrak dan je denkt. Of maak je veel herhalingsduiken als onderdeel van je reis, elke duik weer naar grote dieptes, waardoor je in deco kan komen. Er is ook zoveel te zien! Neem de adviezen van de gidsen goed in je op, houd vanzelfsprekend je eigen nultijden in de gaten (die kunnen anders zijn dan die van je buddy’s) én zorg voor een extra safety stop op bijvoorbeeld 9 meter. De Nederlandse Onderwatersport Bond biedt de specialisatie Wrakduiken aan. Meer informatie.