
Kaapverdië, São Vicente
Het is misschien wat verder weg dan de andere bestemmingen in Macaronesië, maar hier heb je dan toch eindelijk lekker warm water (26 tot 28 graden): de Kaapverdische eilanden. Rechtstreeks vliegen naar São Vicente is zes uur, maar een eventuele tussenstop op bijvoorbeeld Sal kan wat extra reistijd opleveren. Dan nog is het minder lang vliegen dan naar bijvoorbeeld Bonaire.
De hoofdstad van São Vicente is het leuke havenstadje Mindelo. Het ligt aan een grote baai en heeft een prachtig strand en iedere werkdag is er een gezellige markt, waar je werkelijk alles kan krijgen.

Het duiken rondom dit eiland is divers. Alle eilanden in Macaronesië zijn van vulkanische oorsprong, dus ze hebben allemaal bergen die eindigen in zee met vaak prachtige rotsformaties. En dat zorgt weer voor grillige riffen met hard substraat en vol met gaten en spleten voor de dieren om zich te verstoppen, zoals de hengelaarsvis. De eerste drie bestemmingen in Onderwatersport 2026 nummer 1 waren veelal kantduiken. Kaapverdië heeft allemaal bootduiken, met de Zodiac.

De schaduwkant van de rotsen zijn vaak begroeid met een soort koraal, met poliepjes. Het Tubastrea groeit graag in het donker, niet zo in het zonlicht. Het eerste dier wat mij mijn adem deed inhouden was de Afrikaanse keizersvis. Zo’n mooi visje, erg bijzonder, maar ook erg schuw. En de drieband vlindervis is ook een unieke soort, die alleen hier te vinden is. Ook de gewone eekhoornvis, de glasoogbaars en de gevlekte slangaal, de juffertjesvis en de soldatenvis zijn prachtige en opvallende vissen. Vergeet de zeebarbeel niet… De doktersvis is natuurlijk ook een endemische soort, bijna alle dieren zijn bijzonder.
Buiten de baai ligt een heel groot wrak, de São Macario is 80 meter lang en ligt op 15 meter diepte. Het hele wrak is prachtig begroeid met aardbei koraal en vol met vissen. De egelvissen bij het wrak zijn erg groot en goed benaderbaar, het was alsof ze nog nooit een duiker hadden gezien. De eeuwige trompetvissen zijn niet weg te slaan, twee nieuwe soorten hengelaarsvissen zijn een goede vondst van de gidsen. Ik zie die beesten zelf niet, ze zijn zeer goed gecamoufleerd. Naaktslakken, de geel gestippelde murenes en de zeehaas, het is een vreemde mix van koud en tropisch water. De laatste dag mocht ik zeggen waar we heen gingen en omdat er weinig wind was koos ik het wrak. Is altijd al fascinerend, zo’n gezonken schip, maar nog mooier is om te zien hoe de natuur het in beslag neemt. En de grote boot wordt gevuld met scholen vis, erg mooi!
São Antonio, São Antao
Een paar jaar later kwam ik op het eiland, dat ligt tegenover Mindelo. Het is erg bergachtig en beroemd vanwege prachtige hike-tochten. Porto Novo is niet een echt een haven, meer een aanlegsteiger voor de ferryboten. Er is een rechtstreekse ferryverbinding met Mindelo. Dit eiland ligt aan de rand van het gebied van Kaapverdië, met meer open zee, dus meer kansen op grote dieren zoals verpleegstershaaien, schildpadden, roggen, langoesten en zwart koraal.

Helemaal in het noorden, bij een prachtig pittoresk vissersdorpje aan de kust, waren onderwater grote rotsformaties met tunnels en prachtige doorkijkjes met gorgoon begroeid. Natuurlijk waren er ook langoesten, die zitten vaak op een richel onder een overhang, ook in de schaduw. En ook een voor mij een nieuwe murenesoort. Meestal vind ik ze niet zo mooi, maar deze wel, met prachtige witte stippen en heel klein kopje, de zwartoormurene is ook een endemische soort. Scholen met juffertjesvissen, grootoog snapper en weer de Island Grouper van Madeira, ook nog de Kaapverdische lipvis er doorheen, natuurlijk is het een speciale soort van de eilanden en komt het ook voor bij de kust van Afrika.
Die lipvis staat helaas ook op de rode lijst als ernstig bedreigd. Zelfs de doktersvis is een aparte soort, de Monrovia doktersvis, met een lichtblauw lichaam en gele accenten. Tijdens een diepe duik vonden we gorgonen, prachtig. De rode papegaaivis, dat is dan het vrouwtje, ik kan er niet genoeg van krijgen, is over het hele gebied te vinden. Nu is het vrouwtje een keer de mooiste, het grijze mannetje, ja, wat zal ik zeggen…
Ik vergeet bijna de groene schildpadden en de ronde stekelrog (grabata) en de Guinean snappers. Op een geheime plek met hier en daar wat rotsen zaten verpleegstershaaien te rusten. Nu hou ik niet van kleine ruimtes of om opgesloten te zitten, maar nieuwsgierig als ik was, stak ik mijn hoofd door een gat en daar lag ik ‘face to face’ met twee flinke dames verpleegstershaaien. Ik wist toen nog niet dat die ook behoorlijk kunnen bijten en schuifelde verder de grot in om mooie close-ups te maken. Gelukkig hebben ze me bijtijds aan mijn vinnen eruit getrokken! 
We verbleven ook een paar dagen in het zuiden. Tarifa is een piepklein vissersdorpje, met wat bootjes op het strand. De grote rotsformaties zijn zowel boven- als onderwater indrukwekkend. Tijdens het varen zagen we afdrukken van schildpadden op het land, in het zand. Het was de tijd voor de vrouwtjes om eieren te leggen. Helaas waren we ‘s avonds moe en hadden we geen energie over om nog schildpadden te gaan zoeken. Wel hebben we een tweede soort zwart koraal gevonden, ook tijdens een diepe duik, het zit altijd rond de 40 meter diep. Het was de moeite waard, zwart koraal heeft witte pluimpjes, echt mooi. Het andere zwarte koraal was in het noorden, dat ziet er ook heel elegant uit met witte ‘franje’.
Dit eiland is wel een extra overtocht met de ferry, maar zeker een aanrader. Soms moet je open staan voor een andere bestemming, een nieuw gebied, nieuwe dieren en nieuwe avonturen!