Leestijd: 7 mins

De expeditie van 2018 bracht Duik de Noordzee Schoon voor het eerst naar Engelse kusten. Over een privéshow van een papegaaiduiker.

Mijn buddy stoot me aan. Bijna tegen beter weten pak ik mijn lamp in een poging te zien waar ze op doelt. Met mijn neus er bovenop zie ik een grote pluk warrelnet en een klein kneepje in de hand van mijn buddy vertelt haar dat we niet weggaan voordat deze pluk moorddadig microplastic in spé in een postzak verdwijnt en naar de oppervlakte getransporteerd is. Dat kun je wel besluiten maar met vijftien centimeter zicht is dat best een uitdaging. Helemaal als je begint te rommelen aan zo’n pluk netten en een grote wolk met sediment opdwarrelt, het zicht reducerend naar praktisch nul centimeter… Maar het is niet de eerste keer dat wij samenwerken dus maakt Marja al snel duidelijk dat zij haar mes gaat bedienen en van mij verwacht dat ik het net strak houd. Ik voel op de tast hoe het vast zit en trek het strak. Ik leid voorzichtig de hand met het mes naar de plek waar het zich om de spant van het wrak heeft gewikkeld. Ik trek mijn hand terug en voel dat er gesneden wordt. Langzaam krijg ik meer speling en één tik op de schouders is genoeg om het snijden te stoppen. Ik trek het net weer strak en leid wederom de bewapende hand naar het te snijden stuk. Het is eigenlijk gekkenwerk, want met een beetje zicht is zo’n stuk in 5 minuten losgesneden, maar door de jaren heen is er een diepgewortelde afkeer ontstaan van warrelnetten en dit dramazicht gaat daar niets aan veranderen. Na twintig minuten is de strijd beslecht met ons én de Noordzee als winnaars. Op goed geluk geef ik een high-five, verbazingwekkend genoeg succesvol. We volgen de gidslijn en stijgen op. Pas een paar meter onder het oppervlak realiseer ik me dat we geen nachtduik hebben gemaakt.

 

Triest

Het is dag twee van Expeditie Noordzee 2018 van Duik de Noordzee Schoon en de zee laat zien dat ze veel gezichten heeft. Afgelopen jaren kwamen we thuis met jaloersmakende verhalen over 25 meter zicht. Blijkbaar heeft de Noordzee behoefte om ons weer even met beide benen op de grond te zetten. Op de dag voor vertrek deelt de zee al zijn eerste speldenprik uit. De Cdt. Fourcault, het expeditieschip van Duik de Noordzee Schoon dat voor de elfde keer ons varende thuis voor de komende tien dagen is, loopt bij het binnenlopen van de haven van Stellendam vast op een plek waar volgens de havenmeester voldoende diepte zou moeten zijn. Gelukkig weet het schip midden in de nacht alsnog los te komen en de haven binnen te lopen. En nu, twee dagen later, zien we nog een andere kant van de Noordzee: slecht zicht! Gisteren zijn we begonnen met een duik op de U-31, een prachtige onderzeeër die net over de grens in het Verenigd Koninkrijk ligt. Ondanks het zicht is duidelijk te zien dat er nog steeds duikers zijn die zo onbeschoft zijn om voor een kinderlijke trofeeënjacht of een klein beetje geldelijk gewin dit oorlogsgraf te slopen. Elke keer dat we erop duiken zijn er weer onderdelen verdwenen, diep triest!

 

Het is duidelijk te zien dat er nog steeds duikers zijn die zo onbeschoft zijn om dit oorlogsgraf te slopen. Diep triest!

 

Naarmate we verder naar het noorden varen wordt het zicht gelukkig beter, maar dat wordt gecompenseerd met zeewater van tien graden, zo’n zeven graden kouder dan vorig jaar rond deze tijd! De wrakken zijn prachtig en met name de Somali is een heerlijk wrak om op te duiken. Een bijna 140 meter lang vrachtschip dat tijdens de Tweede Wereldoorlog tot zinken gebracht werd tijdens een luchtaanval. De spanten en machineonderdelen staan nog stoer overeind en geven je bijna het idee dat je tussen de pilaren van een Griekse tempel dwaalt. Opvallend is dat er weinig netten te vinden zijn, maar wel veel verspeelde kreeftenkooien en sportvistuig. Blijkbaar hebben we hier in Engeland te maken met een andere visserijdruk. Wel is er veel “consumentenafval” op te ruimen: blikjes, lege plastic flessen en snoepwikkels die ook allemaal in postzakken verdwijnen.

 

Bezoek

De Farne eilanden zijn een van de weinige plekken in de zuidelijke Noordzee waar een rotsbodem is. En dat betekent dat er een totaal andere biotoop is ontstaan die we graag in beeld willen brengen. Dichte kelpwouden hechten zich aan de rotsen en creëren zo een schuilplaats voor het zeeleven. Omdat we niet op een wrak duiken, moeten we de duiken anders organiseren. Waar we normaal gesproken vanuit een centrale locatie een gidslijn uit kunnen zwemmen en via de ankerlijn van en naar de boot kunnen duiken, gaat dat hier niet werken. Er worden teams van drie duikers geformeerd. Een filmer/fotograaf, een bioloog en een supportduiker om de kudde te hoeden. Die neemt een oppervlakteboeitje mee zodat de zodiac overzicht kan houden. Ik word als eerste afgeleverd en daal vast af om het boeitje op te laten. Terwijl ik bezig ben de boei af te rollen, krijg ik bezoek. Een papegaaiduiker komt heel soepel naar beneden gezwommen en zwemt nieuwsgierig een paar rondjes om dat rare wezen. Ik kan mijn geluk niet op: als kleine jongen zat ik vaak in een vogelboek van mijn vader te bladeren en vond de papegaaiduiker veruit de mooiste vogel van het hele boek, met zijn bijna tropisch gekleurde bek en pinguïnachtige lijf. En hier komt er eentje een privéshow geven!

 

De kelpwouden zijn prachtig om doorheen te zwemmen. De omgeving is heel anders dan ik van de Noordzee gewend ben met hier veel scholen jonge vis, veel zeesterren, hele grote zee-appels en dodemansduim. Kortom: ik geniet met volle teugen. Intussen probeer ik bioloog Oscar Bos en filmer Peter van Rodijnen in de gaten te houden, maar zij zijn net kinderen in een speelgoedwinkel. Overal is wat moois te zien of te filmen. Behalve dat ik mijn twee buddy’s in de gaten houd, speur ik ook de omgeving af naar zeehonden. Er is hier een grote kolonie grijze zeehonden die regelmatig interactie met duikers opzoekt, maar ze lijken vandaag geen zin te hebben. Peter ligt voor me op de rotsbodem en filmt een rots die zwaar begroeid is met dodemansduim. Ik kijk van een afstandje mee als er plotseling een zeehond voor mij landt en aan Peters vinnen begint te knabbelen. Peter is zo geconcentreerd bezig dat hij niets merkt. De zeehond blokkeert elke optie om Peter aan te tikken dus ik kan niets beters bedenken dan heel hard door mijn automaat: PETER!!!! te roepen. Iedere duiker kent de frustratie die dit soort zinloze pogingen oplevert en ook deze keer levert het geen enkel resultaat op. De zeehond kijkt nog even achterom naar mij en schiet er vandoor…

 

750 kilo

Tijd om terug te gaan en weer heeft de Noordzee een beslissende stem in het programma. Windkracht 8; golven van drie tot vier meter hoog zijn doorslaggevende argumenten om niet te kunnen duiken. We vullen de tijd met lezingen. Han Lindeboom, Hein Sas en Tinka Murk zijn mee en kunnen vanuit hun expertise boeiende verhalen vertellen. De herintroductie van de platte oesters, de rol van microplastics en de veranderingen die de geplande windmolenparken op de Noordzee gaan brengen, allemaal komen ze langs en zorgen ervoor dat de laatste dagen nog zinvol kunnen worden doorgebracht. De expeditie heeft weer mooie resultaten opgeleverd. De samenwerking tussen Duik de Noordzee Schoon en de Engelse Marine Conservation Society heeft veel publiciteit in het Verenigd Koninkrijk opgeleverd. Ondanks de uitgevallen duiken en het slechte zicht hebben we toch nog 750 kilo netten kunnen verwijderen, samen met verspeelde kreeftenkorven, veel vislood en opvallend veel afval. We hebben de Noordzee weer een beetje schoner achtergelaten dan we haar aantroffen, maar we zijn nog lang niet klaar. Volgend jaar weer!

 

  • Foto: Cor Kuyvenhoven.
  • In het Engelse deel van de Noordzee vinden we meer kreeftenkorven (Udo van Dongen).
  • De wrakken zijn prachtig (Cor Kuyvenhoven).
  • We hebben de Noordzee weer een beetje schoner achtergelaten dan ze was (Udo van Dongen).
  • Een totaal andere biotoop bij de Farne eilanden (Udo van Dongen).